IMG_1034De fiets. Symbool van vrijheid, blijheid, de wind door je haren en de zon op je gezicht. Het lijkt er echter op dat we elkaar steeds minder vrijheid gunnen; we fietsen elkaar in de weg. Tijd voor een echte fietsetiquette?

Op de fiets is weinig zo irritant als de fietser die vlak voor je rijdt, plotseling in de remmen knijpt en naar links afslaat – terwijl je net bezig was met een inhaalmanoeuvre. Of wat te denken van die groep scholieren die over de volle breedte van het fietspad uitwaaiert en jouw aanhoudende gebel stoïcijns negeert. En dan zijn er ook nog van die fietsers die op het laatste moment een fietsknooppuntenbord zien staan en het heel normaal vinden hun rijwiel overdwars op het fietspad te zetten, zodat ze dat bord op hun gemak kunnen bestuderen. Dat jij en je scooterende tegenligger bijna tot een frontale botsing worden gedwongen, lijken ze niet eens in de gaten te hebben. En dan hebben we het dus nog niet eens over de fietser zonder licht of de fietser die jou, met je peuter in het kinderzitje, zodanig afsnijdt dat je bijna in de berm terechtkomt. Als je al die situaties zo eens op een rijtje zet, mag het eigenlijk een wonder heten dat we nog op de fiets stappen. Toch blijven we dat doen, dag in dag dag uit en met steeds meer mensen.

Vroeger was alles beter
Wie denkt dat het er vroeger op de fiets veel beschaafder aan toeging dan nu, hoeft maar een paar pagina’s uit Pete Jordans De Fietsrepubliek te lezen om zich te realiseren dat dat idee bij het grofvuil kan. Jordan dook voor zijn boek onder meer in oude krantenarchieven en haalde daar nogal wat ontluisterende citaten naar boven. Zo schreef portretschilder Ernst Polak in het Algemeen Handelsblad van – let wel! – 21 oktober 1921 het een en ander over fietsen:
‘Ruw en grof is de wijze waarop dit rijden geschiedt en ontaardt in jakkeren, slieren en doorglippen. Tot levensgevaar van voetgangers en medefietsers.’
En even later:
‘De wijze waarop daar gerend wordt, is eenvoudig beestachtig […] een dispuut van omstanders, soms een vechterijtje der botsende partijen en dan maar weer verder…’
Het verschil tussen toen en nu is blijkbaar heel wat kleiner dan we soms zelf denken. Arien de Jong van de Fietsersbond beaamt het: ‘Mensen hebben het gevoel dat asociaal gedrag op de fiets alleen maar toeneemt, maar er zijn tot nu toe geen onderzoekscijfers die dat onderschrijven.’ Wat wel waar is, zegt ze, is dat het drukker wordt op de fietspaden. ‘En drukte zorgt ervoor dat mensen eerder last van elkaar hebben. Dat zie je ook terug in het verschil tussen stad en platteland: over het fietsen in de drukke stad horen we vaker klachten.’

Gezond verstand
Maar kunnen we dan stellen dat er feitelijk niet zoveel aan de hand is en dat een fietsetiquette onzin is? Etiquettedeskundige, fietsfanaat en historicus Reinildis van Ditzhuyzen vindt van niet. ‘Het begint er al mee dat we tegenwoordig veel meer verschillende fietsers hebben. De gestreste bakfietsmoeders, de snelle wielrenners – al dan niet in peloton – , de e-bikes, de rustig peddelende toerfietsers, de gehaaste woon/werkverkeerfietsers. Hun snelheden verschillen soms behoorlijk en dat geeft problemen, zeker als het druk is.’ Verkeerspsycholoog Cees Wildervanck vermoedt bovendien dat het gedrag in het verkeer een afspiegeling is van het gedrag dat de maatschappij als geheel laat zien. ‘We worden assertiever of, als je het scherp wilt stellen, aggresiever.’
Oké, dus toch maar een fietsetiquette. Maar hoe moet die er dan uitzien? Want ja, bij het woord etiquette denken we al gauw aan strak gedekte tafels met ellenlange rijen bestek en kunstig gevouwen servetten. Van Ditzhuyzen helpt ons meteen uit de droom; het zal haar namelijk een zorg zijn hoe wij thuis de tafel dekken. Sterker nog: ‘Daar kan men doen waar men zin in heeft. Voor formele diners gelden natuurlijk wel regels, maar het is echt minder eng dan iedereen denkt.’ Wat blijkt namelijk: etiquette draait om slechts twee zaken: ‘Wees duidelijk en houd rekening met de ander. Gewoon je gezonde verstand gebruiken, meer is het niet.’

Uit de anonimiteit
Wanneer je dagelijks op de fiets zit, lijkt het er echter vaak op dat we ons gezonde verstand een beetje zijn kwijtgeraakt. De ellende is dat mensen niet meer zelf kunnen nadenken, zegt Van Ditzhuyzen. Hoe dat komt? ‘Mensen krijgen van huis uit geen etiquette meer mee. Men vindt dat kinderen hun kind-zijn moeten beleven. Ja zeg, kinderen moeten toch ook leren zwemmen?’ Het individualisme viert hoogtij, ook op de fiets. In het verkeer speelt bovendien nog iets bijzonders mee. Want, stel je hebt een akkefietje op je werk. Ontaardt dat dan in een ordinaire scheldpartij bij de koffieautomaat? Nee, meestal niet, je moet immers nog verder met die collega. In het verkeer is dat anders, ben je anoniemer. En dat brengt bij sommige mensen blijkbaar het slechtste naar boven. In het verkeer is het veel makkelijker je chagrijn te uiten dan thuis of op kantoor, zegt ook Wildervanck. Het opheffen van de anonimiteit in het verkeer is wat hem betreft dan ook een prima remedie tegen vervelend gedrag. Maarja, hoe doen we dat? Naamplaatjes opspelden? Of gaan we ons aan iedereen die we al fietsend tegenkomen, even netjes voorstellen? Het zou leuke tafereeltjes opleveren, maar van fietsen komt dan niet veel meer. Gelukkig stelt Wildervanck een wat simpeler methode voor, refererend aan inhalende trucks op de snelweg. ‘Wat je dan vaak ziet, is dat de ingehaalde truck even seint zodat de inhaler weet dat hij weer naar rechts kan. Soms bedankt de inhaler de ander daarna ook nog even met zijn knipperlichten; dan is het helemaal af.’ Waar het de verkeerspsycholoog om gaat, is het contact. ‘Daarmee is de wereld weer even in harmonie.’ Niet dat we elkaar continu hoeven te groeten. Nee, het gaat juist om de momenten dat de een de ander even zijn gang laat gaan. De fietser die aangeeft linksaf te willen en de andere fietser die daarom even inhoudt. De bakfietsmoeder die wat extra ruimte maakt voor de tegemoetkomende kantoortijger. ‘Als je op zulke momenten even groet of bedankt, ziet de wereld er weer wat mooier uit.’
Wildervancks pleidooi sluit eigenlijk perfect aan bij de hedendaagse inzichten over straffen en belonen. Want inderdaad, contact is een vorm van belonen. Kijk maar: Fietser A vertoont positief gedrag door fietser B de ruimte te geven. Fietser B is daar blij mee en steekt als bedankje vrolijk zijn duim op, met als gevolg dat fietser A moet lachen. Daarmee heeft fietser A zijn beloning voor zijn positieve gedrag binnen. Het waarschijnlijke gevolg is dat fietser A de volgende keer weer positief gedrag laat zien. ‘Nouja,’ zegt Wildervanck, ‘tenzij hij echt een onwaarschijnlijke rotdag op kantoor achter de rug heeft. Maar goed, laten we van het positieve uitgaan.’

Eenvoudig
Ook de Fietsersbond heeft het idee dat contactmomenten veel ellende kunnen voorkomen. ‘Echte hufters zijn er nu eenmaal, daar kunnen we weinig aan veranderen. Maar veel mensen zijn onbewust asociaal, die hebben het gewoon niet in de gaten,’ zegt De Jong. Als voorbeeld haalt ze een op de stoep fietsende scholier en een oude man met rollator aan. ‘Die scholier heeft die man allang gezien en is van plan opzij te gaan. Maar die oude man weet dat niet en wordt bang – of boos.’ Het is eigenlijk typisch zo’n moment waarop ook Van Ditzhuyzens twee elementaire etiquetteregels ‘wees duidelijk en houd rekening met elkaar’ van toepassing zijn. De Jong lacht. ‘Helemaal waar. Wij vinden het minder interessant of iemand door rood rijdt of niet – wij zijn de politie niet. Ons gaat het erom dat je rekening met elkaar houdt. En maak contact! Focus op het goede gedrag en wat het oplevert; wij noemen dat de attentmomenten. De brede glimlach waarmee iemand je bedankt; daar word je toch vrolijk van? Daar moet je je bij fietsetiquette op richten.’
Alles overziend is het leven op de fiets dus heel eenvoudig. Het is slechts een kwestie van duidelijk zijn, rekening met elkaar houden en elkaar bedanken. En of we dat nu fietsetiquette of gezond verstand noemen, maakt eigenlijk niet uit. Helaas is een vraag hiermee nog niet beantwoord. Want hoe kan het dat die fietsers uit de jaren twintig dit nog niet hadden verzonnen?

verschenen in FietsActief, juni 2013

‘Ruw en grof is de wijze waarop dit rijden geschiedt…’ | FietsActief
Getagd op:        

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *