IMG_1041Vorig jaar legden we vijftien miljard kilometer op de fiets af en daarmee streefden ‘wij fietsers’ voor het eerst het aantal treinkilometers voorbij. Fantastisch, want gezond, goed voor het milieu en we zien nog eens wat. Maar is het nog wel veilig?

De zon schijnt uitbundig en ondanks de wind besluit ik op de fiets naar het kantoor van de Fietsersbond in Utrecht te gaan. Het is slechts een half uurtje, maar tijdens dat halve uurtje maak ik weer heel wat mee. Een fietspad dat plotseling eindigt, een onoverzichtelijke rotonde, een stuk fietspad dat ten onder dreigt te gaan aan de kracht van de wortels van de huizenhoge populieren die erlangs staan te ruisen en een stoplicht dat tenenkrommend lang op rood blijft staan. En als ik netjes bel om een mevrouw met keurig gekapt grijs haar in te halen, kijkt zij welwillend over haar linkerschouder, daarbij haar stuur een flinke zwieper naar links gevend – met het nodige kunst- en vliegwerk weet ik er nog net voor te zorgen dat ik niet in de goedgevulde bloembakken naast het fietspad beland.
Tja, zegt Hugo van der Steenhoven wat later terwijl hij me een kop koffie inschenkt, het is nog wel eens behelpen op het fietspad. Wat hij zegt!

De feiten
In 2011 steeg het aantal verkeersdoden voor het eerst sinds jaren weer: van 640 in 2010 naar 661 in 2011. Opvallend is dat bijna één op de drie verkeersslachtoffers een fietser was, terwijl dat vroeger één op de vijf was. Maatregelen als gordelgebruik, alcohollimieten en rotondes hebben dus weinig invloed op de fietsveiligheid. Sterker nog, het aantal gewonde fietsers stijgt de laatste jaren sterk, mede door het toenemende fietsgebruik en het groeiende aantal ouderen in het verkeer. Inmiddels heeft de overheid de bescherming van kwetsbare verkeersdeelnemers, zoals fietsers, tot speerpunt van beleid gebombardeerd. Kanttekening hierbij is dat de meeste fietsongelukken op lokale wegen gebeuren en dat het verbeteren van de fietsveiligheid een lokale aangelegenheid is. Dat is trouwens ook de reden waarom de voorrangsregel voor fietsers op rotondes per gemeente kan verschillen. Uiterlijk dit jaar moeten gemeenten lokale fietsknelpunten in kaart hebben gebracht, inclusief voorstellen om deze knelpunten op te lossen. Verder werkt de overheid nauw samen met diverse maatschappelijke partners, waaronder dus de Fietsersbond. Samen met deze partijen probeert de overheid de verkeersveiligheid verder te verbeteren.

Wat zijn wat jullie betreft eigenlijk de belangrijkste knelpunten?
Kees Bakker: ‘Ik denk toch de tweerichtingsfietspaden die vaak te smal zijn. Te weinig ruimte op het fietspad is gevaarlijk, dus wij zouden graag zien dat de fietspaden breder worden, met een duidelijke belijning en zonder gevaarlijke goten langs de zijkanten. Sommige mensen denken dat vooral de oudere op de e-bike veel gevaar oplevert, maar dat valt echt mee. Het risico zit ‘m niet in die e-bike, maar eerder in de oudere die nu eenmaal wat minder snel is in zijn reacties. Daar staat echter tegenover dat de gezondheidsvoordelen voor de oudere die blijft fietsen enorm zijn.’
Hugo van der Steenhoven: ‘De ongelukken binnen de gemeentegrenzen mogen wel wat meer aandacht krijgen, vind ik. Natuurlijk is het prima dat er op de snelwegen veel op snelheid wordt gecontroleerd, maar men lijkt te vergeten dat tweederde van de dodelijke verkeersslachtoffers binnen de gemeentegrenzen vallen. Daar valt dus veel winst te behalen.’

Hoe zou je die winst binnen kunnen halen?
HvdS: ‘Nou, om te beginnen met zoveel mogelijk 30-kilometerzones binnen de bebouwde kom, inclusief voldoende handhavingsmaatregelen. Je kunt zelfs denken aan aan satellieten verbonden kastjes in de auto die ervoor zorgen dat je binnen bepaalde zones niet eens harder kúnt rijden. Verder is een goede inrichting van het stratenplan natuurlijk essentieel. En het zou mooi zijn als de fietsersairbag zo snel mogelijk wordt ingevoerd. Samen met het ministerie van Infrastructuur en Milieu, TNO en airbagproducent Autolive hebben we daar onderzoek naar en tests mee gedaan en daaruit blijkt dat zo’n airbag op de voorruit dertig tot veertig slachtoffers per jaar kan schelen.’

Wat is er nog meer nodig om het almaar toenemende aantal fietsers in goede en vooral veilige banen te leiden?
HvdS: ‘Beleidsmakers zouden zich moeten realiseren dat recreatief fietsen economisch zeer interessant is. In de landen om ons heen ontdekken ze dat ook en wij moeten oppassen dat die landen ons straks niet voorbijstreven als het gaat om een prettige en veilige fietsinfrastructuur. Dan denk ik, net als Kees inderdaad, aan brede fietspaden, maar ook aan meer fietsstraten. Kijk naar de Oudegracht in het centrum van Utrecht, daar rijden en parkeren nog altijd auto’s terwijl dit typisch zo’n locatie is waar je de fietser heel gemakkelijk voorrang zou kunnen geven. Maar dat betekent dat de gemeente een keuze moet maken tegen de auto, en dat ligt nog altijd gevoelig.’
KB: ‘Binnen de fietsbranche mag ook nog wel wat gebeuren, hoor, die zijn helaas nog niet zo actief als het om veiligheid gaat. Met bijvoorbeeld goede spiegels, anti-slippedalen, een lage instap, een krachtige koplamp en bredere banden ondervang je al een deel van de risico’s. Helaas richt de fietsbranche zich vooral op hippe fietsen voor de jongere doelgroep en die willen geen spiegels of anti-slippedalen. Plus, zeggen sommige fabrikanten, zulke spiegels en pedalen maken de fiets alleen maar duurder. Maarja, juist het aantal fietsende  ouderen neemt toe en koopt een e-bike die al niet goedkoop is. De kosten voor zo’n spiegel of pedalen maken dan het verschil niet meer.’

Hebben fietsers nog meer mogelijkheden om het fietsen veiliger te maken?
KB: ‘Een goede bril! Veel mensen denken dat zo’n sportbril alleen voor wielrenners is, maar ook voor de recreatieve fietser is een bril die schittering vermindert en de ogen goed afsluit, hartstikke prettig. Hij beschermt tegen rijwind, vliegjes, stof, noem maar op. Je kunt daarbij het beste kiezen voor gele of oranje glazen, die verminderen de schittering en verhogen het contrast, waardoor je er ook in de schaduw goed mee ziet. Verder moet je bij de aanschaf van een e-bike goed op de wijze van elektrische ondersteuning letten. Wanneer die ondersteuning direct bij het wegrijden op een geleidelijke wijze start, zit je goed. Maar je hebt dus fietsen die bij wijze van spreken wat pittiger optrekken en dat kan gevaarlijk zijn.’
HvdS: ‘En laat kinderen weer lekker met de fiets naar school gaan! De gemiddelde leeftijd waarop kinderen zelfstandig naar school fietsen, is de laatste jaren gestegen van zes naar negen jaar. Daarnaast zie je in de grote steden sowieso steeds minder kinderen op de fiets. Dat zijn geen positieve ontwikkelingen, want hoe jonger kinderen leren anticiperen op allerlei verschillende verkeerssituaties, hoe beter dat is. Dus fiets met ze mee en laat ze de gevaarlijke knelpunten zien. In Groningen loopt nu een pilot waarbij de parkeerzones verder van de ingang van de school af liggen. Dat kan een manier zijn om ouders weer uit die auto te krijgen: als ze verder moeten lopen, realiseren ze zich dat ze net zo goed de fiets kunnen pakken. Nog gezonder ook.’

Na een laatste slok koffie en nog een laatste weetje van Kees – ‘Wist je dat richtingaanwijzers op de fiets heel makkelijk te realiseren zijn? Ja, echt!’ – stap ik weer op de fiets. Niet voor het eerst valt me op hoe weinig mensen hun hand uitsteken als ze afslaan. Als we daar nu eens mee beginnen?

Zelf doen!
Via twitter maakte ik een kleine inventarisatie van wat fietsers gevaarlijk vinden. Op basis van die reacties was een lijstje ‘zelf doen’ snel gemaakt:
– Richting aangeven bij afslaan
– Ruimte maken als iemand belt om te passeren – zonder daarbij naar links uit te wijken
– De tijd nemen om goed te kijken en snelheden in te schatten
– Als grote groep niet breeduit over het fietspad uitwaaieren
Eigenlijk zijn het dus de basale omgangsregels waar we ons beter bewust van zouden moeten zijn. En als we gevaarlijke situaties als betonranden langs het fietspad, onduidelijke verkeerssituaties, hobbels en kuilen of onverwachte paaltjes nu eens wat vaker melden bij de gemeente of op het meldpunt van de Fietsersbond, geven we de bevoegde instanties ook de kans die knelpunten op te lossen. Via de website van de Fietsersbond geef je eenvoudig knelpunten door. De melding gaat zowel naar de wegbeheerder als naar het plaatselijke steunpunt van de Fietsersbond. Het meldpunt heeft ook een eigen app; handig als je onderweg bent.

De deskundigen
Hugo van der Steenhoven is directeur van de Fietsersbond en weet alles over overheidsbeleid en manieren waarop dat beleid te beïnvloeden. Dat is dan ook een van de taken die de Fietsersbond zich heeft gesteld; de belangenorganisatie probeert de belangen van de fietser zo goed en effectief mogelijk onder de aandacht te brengen bij de nationale en lokale overheid.
Kees Bakker is misschien nog wel bekender onder de naam TestKees. Hij is de onafhankelijke deskundige van de Fietsersbond en test in die hoedanigheid zo ongeveer alles wat met fietsen te maken heeft. Van e-bike tot fietspomp en van vouwfiets tot manieren om sneller te fietsen.

verschenen in FietsActief, augustus 2013 

Je doet het vooral zelf | FietsActief
Getagd op:        

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *